
Het was voorzitter Eric Wittewrongel die de jaarvergadering voorzat terwijl de organisatie zelf rustte op algemeen secretaris Rita Audenaert uit Melsele en Guido Maes die al heel veel jaren een stimulerende pion is in de Federatie. Het gemeentebestuur van Beveren was vertegenwoordigd door de schepenen Dirk Van Esbroeck en Raf Van Roeyen.
Normaal moest deze vergadering ook het afscheid zijn van voorzitter Eric Wittewrongel maar groot was de verrassing toen hij aankondigde besloten te hebben zijn mandaat verder te zetten. Hij kreeg een daverend applaus en vanuit de verschillende sectoren werden hem geschenken aangeboden. Het was wel duidelijk dat Eric op enorme sympathie kan rekenen bij het schuttersvolk. In zijn toespraak wees hij vooral op het belang van een degelijke jeugdopleiding te verzorgen. Zijn leuze was en blijft: "Zelfrespect en gelukkig zijn".

Voor de 'Sportvrouw van het jaar 2009' kwam het Waasland er ook goed uit met Rita De Bruyne van Cruybeeks Hof Kruibeke en Rita Audenaert van Sinte-Barbara Melsele bij de genomineerden. De andere genomineerden waren Brigitte Oger van Pallieter Ertvelde en Malissa Vanparys van de Leeuwkes Ingelmunster. Het was deze laatste die de titel kreeg.

Voor de "Sportclub 2009" ging de titel naar De Leeuwkes Ingelmunster. Bij de genomineerden behoorde ook de Uilenploeg uit Waasmunster en Team SSA uit Blankenberge.
Tenslotte genoot het Waasland nog de eer om de 'Sector van het Jaar' op het grondgebied te hebben. Dat was de sector Beveren met 175 punten. Het was Guido Maes die de trofee in ontvangst nam. Het was de bekroning van de grote inzet die van deze sector uitgaat. De 2de plaats was voor Kampenhout met 108 punten en de 3de werd Antwerpen met 104 punten. De punten voor alle verkiezingen worden berekend via een ingewikkelde berekening van de resultaten door de federatie.



Heel lange tijd heeft de mens zich stappend of lopend moeten voortbewegen. Tergend traag. Zo moest hij zich een weg banen door dichtbegroeide wouden of bossen, snikhete zanderige vlaktes. Regelmatig zag hij dan zijn gewenste middagmaal voorbij rennen. Een smakelijk hertje, een schaap of een geit. Het vocht stond hem in de mond, maar meer dan verlangend toekijken hoe zijn prooi hem ontsnapte kon hij vaak niet. Er was heel wat sluipend en kruipend werk voor nodig om toch eens iets te pakken te krijgen. Hij had er zich vaak over beklaagd dat die lekkere viervoeters zo snel waren en hij zo traag. Hij kon zich voorstellen hoe die beesten lachten met de verlangende veel te trage tweevoeter.
